Hegel D50 The Raven digitaal naar analoog converter. Waarom toch een los component?
Het lijkt wellicht een stap terug in de tijd, het uitbrengen van een losse converter om een digitaal signaal om te zetten naar analoog. Immers tegenwoordig bouwen we liefst alles in één doos. Zelfs Hegel doet dat met de H600 versterker waarin een DAC en tevens een streamer zijn opgenomen. Des te verwonderlijker dat juist Hegel met een D50 DAC op de markt is gekomen.

Sony was ooit de eerste met een losse converter, snel gevolgd door Arcam met zijn Black Box, waarvan ten onrechte wordt gezegd dat Arcam de eerste op de markt was. In de jaren ’90 en het eerste, deels tweede decennium van deze eeuw was het heel normaal om een separate DAC te gebruiken. Aanvankelijk in high end installaties, maar ook als upgrade voor CD spelers. Met de opkomst van streaming verdween een losse DAC naar de achtergrond. Immers voor streamen is altijd een converter nodig, dus die kun je best inbouwen. De trend naar compact en alles-in-een bracht het aantal losse DAC’s op de markt nog verder terug. Uitgezonderd voor heel kostbare systemen. De afname van de vraag leidde onvermijdelijk tot afname van aanbod in winkels, Lexicom Multimedia niet uitgezonderd. Des te opmerkelijker dat juist het Noorse Hegel toch de stoute schoenen aantrekt en met een D50 op de markt komt. Een gat vullend dat ten onrechte is ontstaan zo zal blijken.
Hegel D50
Een Hegel D50 digitaal naar analoog converter met de bijnaam “The Raven” is niets meer en niets minder dan een DAC. Geen streamer aan boord, geen instellingen mogelijk apart van de bronkeuze. Geen upsampling, geen keuze aan digitale filters. Wie die opties zoekt zal moeten grijpen naar digitale transporten als die van Auralic waarop die keuzes te maken zijn voordat het digitale signaal aan een D50 wordt aangeboden. Hegel kiest voor pure conversie, zoekt het in de diepte voor kwaliteit in plaats van in de breedte met toeters en bellen. De enige luxe buiten de stijlvolle, zwarte behuizing is een duidelijke display waarop de gekozen ingang wordt aangegeven en de sample rate van het aangeboden signaal. Een vrijwel onzichtbaar knopje voor aan/uit onderaan de voorzijde is het enige knopje dat er te vinden is. Meegeleverd wordt een afstandsbediening, maar daarmee kunt u weinig meer dan een ingang kiezen en de helderheid van de display instellen.
Aan de achterzijde vinden we een AES/EBU ingang via XLR, twee coax ingangen respectievelijk via RCA en BNC, twee optische Toslink ingangen en een enkele USB. Uitgangen zijn er gebalanceerd (XLR) en single ended (RCA). De netentrée voor 230 Volt maakt de achterzijde compleet. De D50 DAC is door Hegel voorgesteld als een upgrade voor alle interne DAC’s van (Hegel) versterkers en zelfs van hun Viking CD speler. Voor veel versterkers van Hegel is er de mogelijkheid om alle binnenkomende digitale signalen uit te sturen naar een BNC aansluiting op de achterzijde van de versterker. Koppel die BNC aan een D50 en ga analoog terug via XLR. Alle digitale bronnen worden dan geconverteerd via een D50. In het versterkermenu is dat de keuze voor ‘DAC Loop’. De digitale ingangen accepteren via S/PDIF en AES/EBU 24/192, via Toslink 24/96, over USB tot 32/384 plus DSD256. MQA wordt ondersteund. De uitgangsspanning zit boven de RCA standaard en onder die voor XLR met zijn 2,5 Volt op beiden.

Het geheim van de weergave vinden we aan de binnenzijde van de behuizing. Het hart van de conversie vormt een ESS Sabre converter type ES9039Q2M, gemonteerd op een eigen board dat boven de centrale printplaat zit. Terecht vermeldt Hegel nergens welke converter zij inzetten, omdat de schakeling om de chip heen het resultaat meer beïnvloed dan de converter zelf. Maar ik wilde voor de lezer dat kleine ‘geheimpje’ niet verborgen houden. In een D50 zitten drie onafhankelijke klokken, één voor alle ingangen m.u.v. USB en twee voor USB. Van die twee is er slechts één tegelijk aan het werk, of die voor 44.1kHz en veelvouden of voor 48kHz en veelvouden. Dat dat nodig is voor USB bewijst mij eens te meer dat USB problematischer is dan S/PDIF of AES/EBU, maar dat terzijde. Het gekozen digitale filter is een minimum fase type, wat door Hegel zelf via hun schakeling is getweaked ten opzichte van de standaard ESS Sabre filters in de converter chip. De schakelingen bestaan uiteraard in de eerste plaats uit twee lineaire voedingen, één voor de meer ruisende digitale schakelingen en één voor alle stille, analoge circuits. Hegel’s focus ligt op het onderdrukken van storing vanuit voeding en/of de schakeling zelf. Dat leidt tot het verminderen van ruis en belangrijker, tot vermindering van jitter. De voedingen maken gebruik van filters om de netspanning schoon te houden, daarom moet een D50 aangesloten worden op een wandcontactdoos met randaarde. De ringkern trafo’s in een D50 zijn met staal afgeschermd van de schakelingen.
Appels met appels
Voor een zo eerlijk mogelijk vergelijk tussen een interne en een externe DAC vormt de digitale bron vandaag een transport van Auralic, de Aries G2.2 met uitsluitend digitale uitgangen. Daarop is gekozen voor het Precise filter, is up- en downsampling uitgezet, wel staat conversie van DSD naar PCM aan. Met AudioQuest Diamond digitale kabels is via RCA een verbinding gemaakt naar de interne DAC van een Hegel H600 en via XLR naar onze D50 van Hegel. De D50 zit op zijn beurt met Tellurium interlinks gekoppeld aan de gebalanceerde, analoge ingang van onze H600. Zo proberen we appels met appels te vergelijken en houden we peren buiten de deur. Zowel de H600 als de D50 zitten met zware Furutech netsnoeren aangesloten op een Audes Power Conditioner, waar ook de Auralic zijn netspanning vandaan haalt. Gekozen luidsprekers zijn Sonus faber Olympica Nova III. De eerlijkheid gebiedt mij te vermelden dat het bij het gebruiken van een losse DAC niet blijft bij zijn aanschafprijs, je hebt een extra netsnoer nodig en een mooie interlink van DAC naar versterker. Met een DAC in de kwaliteitsklasse van een D50 The Raven kun je niet volstaan met een paar simpele dropveters, zoals kwalitatief magere kabels wel eens worden genoemd.
Vakantie vondsten
Een recente vakantie in Frankrijk leverde bij de FNAC weer een paar pareltjes aan muziek op die ik graag gebruik. De eerste is een album van klassiek bassiste Lorraine Campet waarop zijn samenspeelt met pianist Nathanaël Gouin, de titel is “Âmes soeurs”. Inmiddels luister ik al twee uur met andere muziek naar de D50 en komt de kwaliteit van de weergave van Lorraine niet als een verrassing. Haar dubbele bas wordt gestreken en geplukt, laat zich krachtig neerzetten met als niet overheersende toevoeging pianospel. De kracht van de bas en de doortekening van het spel van vingers en strijkstok komen duidelijk naar voren met de D50. Met meer finesses dan wat mogelijk is met de interne converter van een H600. Meer kleur, een rijkere klank, instrumenten die minder klein worden gehouden, de D50 trekt een sluier van de muziek af, maakt het podium groter en voegt informatie toe over de opname omstandigheden. Heb je dat eenmaal ervaren, dan is de weg terug op zijn minst hobbelig te noemen. Zelfs met maar twee instrumenten is mijn voorkeur duidelijk, het zou overigens met een extra uitgave van bijna €5.000,- een schande zijn als dat niet het geval zou zijn. Piano krijgt een intensere klank mee via de D50, is voller en meer aanwezig. De bas wordt groter, krijgt een dimensie in het stereobeeld die recht doet aan het echte instrument onder de vaardige handen van Lorraine.
Van de hand van Emmanuelle Dauvin is een nieuw album verschenen met de titel “OVNI Baroque – Cantata a 2”. Daarop speelt zij met haar handen viool en tegelijk met haar voeten de pedalen van een kerkorgel. Was haar eerst CD een solistisch werk, op het tweede album zingt de klassiek geschoolde Heather Newhouse mee met de viool en het orgel. Het eerste album heb ik de hemel in geprezen vanwege de opnamekwaliteit, met de tweede is dat niet anders.
Op de D50 is het vioolspel groot in afbeelding met dank aan de akoestiek van de kerk. Het orgel laat zich in de lage tonen gelden op de Sonus faber luidsprekers. Indrukwekkend groot en krachtig terwijl de volumestand nog altijd bescheiden is. Herhaal ik het eerste deel van track één op een H600 interne DAC dan zorgt dat voor minder kerk-akoestiek, een kleinere viool, minder diepe tonen, minder van alles wat zoveel kleur kan geven aan muziek. Slecht? Nee zeker niet, maar je weet dat het beter kan en beter mag zijn. Mixt de stem van Heather erbij dan schreeuwt het om de D50. Pas met de D50 komt de volledige akoestiek tot zijn recht. Galmt Heather’s stem door de kerk, krijgt het orgel een eigen plek en mag Emmanuelle stralen op haar viool. Wie hiervan kan genieten raad ik met klem aan op zoek te gaan naar de CD of deze te zoeken op Qobuz. Bij Lexicom is te beluisteren hoe goed de opname is als een Hegel D50 The Raven wordt ingezet. Een losse DAC blijft een begeerlijk object als u streeft naar een hoge(re) weergave kwaliteit.
Beatrice Rana heeft gespeeld met het Amsterdam Sinfonietta en vertolkte van Bach klavier concerten 1052, 1053, 1054 en 1056. Vraag mij niet waarom ik dit soort CD’s alleen in Frankrijk kan vinden, waarschijnlijk omdat daar soms nog bakken vol van staan in alle genres. Het is een deel van de vakantievreugde om met een rijke oogst huiswaarts te kunnen keren en mijn Melco ripper en opslag aan te zwengelen voor een perfecte FLAC file. Het was even zoeken, maar bij Lexicom kon ik een versie van het album vinden op Qobuz. Vanaf de eerste noten is het vuurwerk van Rana. De D50 laat alle kracht vrij die Rana in het spel legt, die zich geen seconde laat wegdrukken door het orkest. Breed neergezet, met de nodige hoogte, slechts diepte in het stereobeeld laat het wat afweten. Het vraagt concentratie van de hersenen om de vleugel voor het orkest te positioneren, lukt dat eenmaal dan blijft de afbeelding overeind. Een deel van het werk speel ik wederom over de interne DAC van de H600 en dat doet de glans verbleken. Violen die helder en zuiver van klank waren, worden harder van toon, de vleugel verliest zijn rijkdom en de vingers van Rana lijken het klavier met minder pressie te bewerken. De weergave is kleiner in omvang, wat rommeliger en serieus eenvoudiger. The Raven heeft een meerprijs, maar laat in een systeem als dit zijn tanden zien en weet de weergave een paar klassen hoger te tillen. Niet te snel oordelen, al is het verschil vrij snel duidelijk, de echte impact van een D50 merk je na vele stukken muziek spelen en wordt dan ineens op een juiste en eerlijke manier uitvergroot.
Twee verschillende zielen
Ik verlaat het klassieke pad en verruil Rana voor Clara Luciani, haar nieuwe album met de titel “Mon sang” kun je vinden in elke Hyper of Super U. Een typisch Franse zangeres met een sterke pop inslag. Het stelt niet zoveel voor, maar het is een lekkere herinnering aan een Franse zomer. Het vergelijken van de DAC van een Hegel H600 met een D50 laat ik vanaf nu achterwege. Het punt is duidelijk gemaakt met klassieke muziek waarvan ik bij de opnametechniek vertrouw op een eerlijk en minder gemanipuleerd geheel. Clara weet een muurtje van geluid op te trekken tussen en tot buiten de luidspreker. Soms te ver doorgeschoten in de opname studio met vervorming als gevolg, dan weer wat minder in het digitale rood uitgestuurd en dus beter. Het is leuke is dat de D50 zijn best blijft doen om de weergave aangenaam te houden. Zelfs verrassend helder en gecontroleerd Clara’s stem neerzet als ze op een normaal geluidniveau zingt. Op de track “Romance” ga ik haar echt waarderen, de wereld zal ze er niet mee veroveren, mijn hart voor een stukje wel. Het zoveelste Franse zuchtmeisje laat zich gelden met een zwoele stem.

Het is Brian Flanagan die met het album “Where dreams are made” de hekkensluiter van vandaag vormt. Weer een Stockfish opname van een zanger met zijn gitaar. Daarmee eigenlijk al een garantie voor kwaliteit, warme stem, indrukwekkend opgenomen, niet te dichtbij, wel intiem, gitaar in de handen, een enkel ander instrument erbij dat slechts dient als invulling. Als ik stiekem toch nog even de H600 stand alone laat spelen dan wordt Brian gewoner in zijn zang en spel, is het alsof hij op zijn jongenskamer met een paar vriendjes zijn eerste stappen zet met een eenvoudig opname apparaat. Overdreven? Niet als je de kwaliteiten van een Hegel D50 bent gaan begrijpen, het diepere van de elektronica hebt ondervonden en tot je genomen over een tijdspanne van uren geconcentreerd luisteren. Of het is juist de eenvoud van het album, gecombineerd met de opname zelf, die de verschillen zo uitvergroot. Sinds ik de eerste separate DAC destijds aan mijn CD speler koppelde is er nooit een weg terug geweest. Kleine en goedkope DAC’s wisselden van plaats voor wat gelijken genoemd mogen worden van een Hegel D50 The Raven. Het scheiden van functies in transport (CD of streamen), in conversie en in versterking heeft bij mij altijd geleid tot een beter resultaat dan het samenvoegen van zaken. De Hegel D50 bevestigt opnieuw mijn gelijk al komt dat tegen een prijs.
Samenvatting
Tja, wat is er nog toe te voegen aan het bovenstaande. Alles is wel zo’n beetje gezegd. Laten we een samenvatting proberen te maken. Vast is komen te staan dat een losse digitaal naar analoog converter, zoals die lange tijd in grote getale op de markt beschikbaar waren, nog steeds niet achterhaald is. Het zich kunnen richten op één doel door de fabrikant, kan en heeft in geval van de Hegel D50 duidelijk een voordeel boven een alles-in-één of multifunctioneel apparaat. Maar dat komt met de nodige kosten, het apparaat, een netsnoer en een analoge interlink. Daarmee plaatst een Hegel D50 The Raven DAC zich duidelijk in een hoger segment. De toepassing van een D50 kan velerlei zijn, maar altijd voor muziek over twee kanalen. Achter een streamer, achter een CD loopwerk of speler, achter een digitale opslag als een Melco, eigenlijk achter elk apparaat met een digitale uitgang. Welke toepassing u ook kiest, ik durf er wat om te verwedden dat een Hegel D50 converter vrijwel altijd winst zal opleveren ten opzichte van een converter ingebouwd in een streamer, CD speler of versterker. Des te langer u gaat luisteren naar een Hegel D50, des te meer zal dat besef indalen.

Prijs (2025):
Hegel D50 The Raven DAC €4.895,-



























