Focal Kanta N°3 : Laat muziek los

Focal heeft met zijn Kanta N°2 bewezen in de middenklasse een zeer serieuze speler te zijn waar rekening mee moet worden gehouden. De vloerstaande luidspreker heeft inmiddels een paar harten weten te veroveren met zijn meeslepende weergave. Reden genoeg om ook de Kanta N°3 naar de winkel te halen. Het grotere model en tot nu toe het grootste in de Kanta serie oogt nog een stuk imposanter en het was de vraag of de luisterruimte wel groot genoeg zou zijn voor de Kanta N°3. Ik had mij geen zorgen hoeven maken, al zegt Focal dat de Kanta N°3 het meeste geschikt is voor ruimtes van 40 tot 80m2, in een kleinere ruimte weet hij heel goed te presteren. Ik mocht hem koppelen met een Naim geïntegreerde versterker en een fraaie Naim digitale muziekspeler en voerde de luidspreker de gebruikelijke mix van pop, jazz en klassiek.

Kanta N°3 wordt ontleed

Focal beschrijft zelf de Kanta N°3 als “The benchmark in high-fidelity” en ik kan ze daar op voorhand wel een beetje gelijk in geven. De Kanta No.3 is een model met vier units, een 16,5cm middentoon unit bovenin. De middentoon unit heeft TMD, een suspensie systeem voor de conus dat de ongewenste resonanties dempt. Recht eronder vinden we een 27mm IAL3 beryllium tweeter. IAL3 staat voor “Infinite Acoustic Loading” naast IHL (Infinite Horn Loading), een feature om geluid achter de tweeter op een natuurlijke manier uit te doven om zo vervorming tegen te gaan. Onder de tweeter twee 21cm woofers die parallel werken. De conussen zijn door Focal in een sandwich gevormd, deels gemaakt uit vlas, een licht en sterk materiaal met lange, holle vezels, ideaal om mee te werken en ruim verkrijgbaar van het Franse platteland. Onder de basunits en aan de achterzijde zitten reflexpoorten. De baffle is bij de Kanta No.3 gebogen om een perfect fasegedrag tussen de diverse units te waarborgen. De wanden en de achterkant zijn gewoon strak. De Kanta staat op een metalen chassis dat uitsteekt en waarin de zware spikes passen. Dat chassis maakt de 128cm hoge kast stabiel, voor zover je 46 kilo gemakkelijk om zou kunnen gooien. Met een totale breedte van 38,6cm en een diepte van 52cm kun je spreken van een zeer forse luidspreker. Misschien wel het meest opvallend is de baffle, niet omdat hij gebogen is, maar omdat hij breder is dan de kast en als een deksel op de voorkant past. Naarmate je went aan het uiterlijk heeft het iets aparts dat of aanspreekt of totaal niet. In het front passen doekjes, rond voor de middentoon, ovaal voor de twee woofers, de tweeter is en blijft afgeschermd met een metalen rooster. De Kanta No.3 wordt gespecificeerd met een frequentie bereik van 33Hz tot 40Khz binnen +/- 3dB, met een -6dB punt op 26Hz, waarbij de kantelfrequenties liggen op 250 en 2500Hz. De impedantie is nominaal 8Ohm met een minimum van 3Ohm, vriendelijk genoeg voor de meeste versterkers. Gezien het gebruik in grote ruimtes mag het best een flinke versterker worden. Het rendement van 91dB met een maximale belastbaarheid van 400Watt geeft al aan dat de Kanta No.3 hard kan spelen. Elke Kanta is leverbaar in hoogglans zwart met een front in blauw, wit, zwart of geel (altijd hoogglans) en in houtfineer met een front in blauw, taupe, donker grijs en ivoor (altijd mat). De bovenplaat is van glas, het frame waarop de luidspreker staat is gegoten zamac. De prijs is ongeacht de uitvoering € 5.000,- per stuk. In de Kanta zit de ontwikkeling van 40 jaar JMLab/Focal en het uiterlijk van de Utopia of de Electra serie komt een beetje terug. De herkenbare kwaliteit van Focal afwerking en techniek is overvloedig aanwezig.

Opstelling

De Kanta N°3 krijgt een mooi plekje, weggehouden van de achterwand in de luisterruimte en licht ingedraaid, voordat ik hem met een set Chord Signature Reference kabels aansluit op een Naim Superuniti 2 geïntegreerde versterker. Met een Naim interlink verbind ik de aanwezige Naim NDX 2 digitale muziekspeler. Een grotere versterker als een NAP 250 of NAP 300, maar ook een Bryston zou zeker niet misstaan op de Kanta N°3, gecombineerd met een fraaie voorversterker. Of een kleiner type als de Metrum Acoustics Forte met zijn oneindige precisie en aangename doch analytische klankkarakter. Stroomvoorziening is zoals gewoonlijk zonder filters, gewoon een Naim Powerigel waar de netsnoeren aan vast zitten. De Ethernetkabel is van Chord. Muziek speel ik van een Melco N10P-H30-E Digital Music Library (zeg maar NAS), omdat de Melco de mooiste muziekopslag biedt, over Ethernet met de App van Naim zelf. Voor wie het nog niet weet, Naim en Focal vallen onder één holding, werken samen in onderzoek en ontwikkeling, maar zijn zelfstandige bedrijven met elk hun eigen filosofie.

Naar het noorden

Net als ik denk “waar is het laag gebleven?” op “Philharmonics” van de Deense zangeres Agnes Obel zet de band in met bas en drums. Als aanvulling op de zang en de gitaar, een gitaar die heel opvallend aanwezig opduikt uit het stereobeeld. Was ik toch heel even bang dat een luidspreker met de afmetingen van een Kanta N°3 echt te groot zou zijn voor de luisterruimte van Lexicom MultiMedia, het pakt uit zoals vaker, de afstemming van de reflexpoorten is zodanig gekozen dat men in een kleine ruimte geen last krijgt van staande golven rond de eigen poortresonantie. Het gevolg is een meer dan volwassen weergave welke heel glad het gehele frequentiegebied bestrijkt vanaf de laagste toon tot de hoogste. Het credo “Kies voor een grote luidspreker en de weergave zal groot zijn” gaat weer eens op. Met een hoogte afbeelding passend bij een middentoonweergever die boven de oren uitsteekt, de tweeter zit ongeveer op oorhoogte en de woofers daaronder. De licht gebogen voorkant van de Kanta N°3 draagt zorgvuldig bij aan een juist fasegedrag en een correcte afstraling. Het luistert zo zelfs een beetje als een puntbron. Ondertussen speelt Agnes gewoon verder, nou ja gewoon, de muziek rolt soepel en ongestoord de luisterruimte in. Op een prettige manier, niet heel erg spannend toe nu toe, hetgeen te maken heeft met de rust in de weergave en de doodstille achtergrond.

Verder naar het noorden woont en componeerde Kari Bremnes haar CD “Svarte Bjorn”. Als met één CD de lage tonen goed fout kunnen gaan, dan is het met “Svarte Bjorn”. Dat laag daarop gemixt gaat niet alleen heel erg diep vanwege de grote trom, het heeft bovendien heel wat energie. Ter controle loop ik de winkel even in en inderdaad, daar kun je de grote trom horen rommelen. In de luisterruimte zelf gaat de weergave boven verwachting goed. De Kanta N°3 laat zich van de beste kant zien en dendert door de track heen als een sneeuwschuiver in Oostenrijk. Alsof het helemaal geen moeite kost om zo de lage tonen weer te geven. Zijn kleine broer Kanta N°2 had ik echt al voorzien van enige demping in de achterpoort om het laag te remmen, de Kanta N°3 is in staat strakker en dieper laag te leveren op een minder drukkende manier. Laten we niet alleen de lage tonen in ogenschouw nemen, het zijdezachte hoog is een streling voor het oor. Nergens te scherp of overdreven, noch te zacht en te teder in deze opstelling. Met daaraan gepaard een volwassen middengebied met een fraaie intonatie van de stem van Bremnes. Gezien de prijsklasse van de Kanta N°3 mag je kwaliteit verwachten, de bevestiging is altijd fijn en helemaal niet zo gewoon als veel mensen denken. Ook hier zit er genoeg kaf onder het koren.

Nog steeds noordelijk komt uit Canada de zangeres Holly Cole. Van massief laag uit de koker van Bremnes naar tedere muziek met Holly Cole’s “Be careful, it’s my heart”. Gelukkig kan de Kanta N°3 ook een kleine stem met alleen een piano aan. Wel denk ik dat Focal een eigen interpretatie van de stem en de piano geeft, waardoor de muziek wat mist aan warmte en knuffelgehalte. Ik mis de intimiteit van een kleiner systeem dat dichter bij kan komen, iets dat de Kanta N°2 meer laat zien. Zijn de Kanta’s N°3 dan toch te groot voor de ruimte en is de afstand tussen mij en de luidspreker te klein? Niet als ik doorga met de volgende track “It’s allright with me”, waarop na een intro een drumkit losbreekt met een heel snel geplukte bas. Geef ritme de ruimte op een Naim systeem en de luidspreker heeft niets anders meer in te brengen dan het bewegen van de conus in het juiste tempo. In het drukke stereobeeld dat precies past bij dit nummer vechten de instrumenten om voorrang en proberen boven Holly uit te komen. Wat niet lukt, de dame blijft haar verstaanbaarheid behouden met dank aan de voortreffelijke 16,5cm middentoon unit. Het vrolijke “Life is just a bowl of cherries” is wel heerlijk intiem en klein gehouden. Deze opname bevat verrassende elementen van blazers en geplukte snaarinstrumenten, her en der opduikend in het stereobeeld. Verspreid in hoogte, breedte en diepte. Ik kan er vrolijk van worden en snap de strekking van het nummer volkomen op deze manier.

De diepe stemmen

Met een mannenstem kan de Kanta N°3 ook zijn krachten laten zien, Herman van Veen heeft met “Anne” een eigen geluid en dat komt genoeg naar voren. Minder expressief dan mevrouw Cole overkwam, het kan de opname zijn die het veroorzaakt en dat controleer ik straks wel met iets anders. Voorlopig is elk woord te verstaan, is de tuba lekker groot en is de sfeer goed getroffen. Ik had wat meer verwacht, de dop lijkt wel te lang van de Spa fles te zijn en zo gaat de sprankel deels verloren. De Kanta N°3 is een heel ander systeem dan de knuffelende N°2, zelfs al delen ze zoveel DNA. Allan Taylor bewijst met “Notes from Paris” dat Herman ten onder is gegaan aan de opnamekwaliteit. Taylor brengt mij zijn diep in de borstkas resonerende stem, onder begeleiding van akoestische instrumenten, met een diep grommend laag en de hoge tonen van getokkelde bovenste snaren van gitaar. Het loskomen van de muziek van de luidsprekers is vaak bij grote systemen een probleem, een bescheiden monitor van hoge kwaliteit is daarin meestal de meerdere, ik zal niet ontkennen dat de muziek te herleiden is naar de baffle van de Kanta N°3, echter minder dan verondersteld in het begin. Tijdens het maken van aantekeningen valt het zelfs helemaal niet op, je krijgt het mee als je opkijkt met open ogen. Sluit ze en de illusie dat de muzikanten de ruimte zelf vullen groeit met je mee.

Van bescheiden naar overweldigend

Genoeg zang voor nu, op naar mijn geliefde barokmuziek en componist Vivaldi. Het ensemble Pian & Forte streelt het oor met strijkers, blazers en klavecimbel. Of een orgel in een stukje duet met een viool. De muziek roept beelden op van schilderijen uit die tijd waar edelen zich tegoed deden aan geschoten wild, aan wijn en aan vrouwelijk schoon, met in de hoek van de kamer musici voor het aangenaam vermaak. Of ik denk aan de schoonheid van Italiaanse architectuur waarin deze muziek zo tot zijn recht kan komen. De Kanta N°3 doet iets wat veel luidsprekers doen als de solist in de opname te ver naar voren wordt gezet. In plaats van de natuurlijke opstelling van de musici te bieden, opgesteld in een half ronde boog met het midden verwijdert van de luisteraar, zijn het de uiteinden van de boog die naar achteren weg buigen. In het “Adagio” van de “Concerti” wordt dat goedgemaakt in de opname, al blijft het vreemd om het orgel zover naar voren te halen. Ik maak mij er maar niet te druk om en geniet van de vrolijke klanken die zo soepel en zuiver uit de Kanta units stromen.

Het is gewoon waar, een groot orkest vraagt om een grote luidspreker voor een realistische afbeelding. Dat los je niet op met een monitor, of desnoods een interieur vriendelijke en bescheiden weergever bestaande uit een 10cm woofer en minitweeter, laat staan een all-in-one. Een groot orkest als het BBC Philharmonic Orchestra vraagt om vermogen uit een versterker, waarbij voor veel luidsprekers de beschikbare stroom een grotere rol speelt dan de beschikbare spanning. De door Liszt gecomponeerde “Symphonic Poems” waarvan ik “Hungaria” kies dwingt welhaast tot een systeem met de afmeting van de Kanta N°3 of groter, om voluit te kunnen gaan in een herschapen stereobeeld dat recht doet aan de concertzaal. Tegelijk moet de luidspreker in staat zijn om de eerste viool zo weer te geven dat hij alle aandacht heeft en aandacht doet vasthouden tijdens een solo. Muziek mag niet gaan drukken, niet gaan vastlopen in drukke passages en moet telkens weer onderscheid weten te maken tussen de instrumentgroepen. Pauken moet je voluit laten slaan en de piccolo moet hoorbaar zijn. De oplossing daarvoor biedt de Kanta N°3 van Focal. Hij speelt het allemaal even gemakkelijk klaar in mijn oren.

De laatste stap

En jazz dan, het Bobo Stenson Trio, kan de Kanta N°3 dat ook behappen? Want jazz mag best intiem zijn en klein gehouden worden op de CD “Goodbye”. Nou ja en nee, want klein is het echt niet op deze CD omdat de weergave behoorlijk dichtbij komt. Realistisch is het wel, zelden hoor je een contrabas spelen zoals hij is: groot en hoog. Of een vleugel welke levensecht afbeeldt, een drumkit waarvan je de ware grootte in kunt schatten. Gaat er bij een auto niets boven cilinderinhoud, voor een luidspreker gaat dat op in conusoppervlak en behuizing. Waarbij het begrip “grote weergave” mede vertaald mag worden als “in staat een realistische geluidsdruk te kunnen geven zonder compressie”. Een enkele kleine woofer is eenvoudig weg niet in staat om de lucht zo’n zet te geven zoals een basdrum dat doet of een contrabas. Twee flinke 21cm woofers per kant komen een heel eind in dat opzicht. Wel goede woofers graag, want zelfs een dreun moet als instrumentdreun herkenbaar blijven, mag geen eigen leven gaan leiden en vraagt derhalve om slagkracht plus beheersing. Voilà, de Kanta N°3 biedt zich weer eens aan.

Puur voor mijn eigen genoegen staat Chet Baker zijn “Alone together” te blazen op het tijdsdocument “Chet”. Ik kan mij geen betere afsluiting van een middag luisteren voorstellen. Zoveel gemak, zoveel realiteit komt uit de Kanta °3, het is een waarlijk genoegen om Chet zo bezig te horen op zijn trompet. Vroeger draaide ik de LP, nu stream ik de muziek en kom niets meer tekort. Het af en toe tikken of spetteren van vinyl mis ik al helemaal niet. De dynamiek lijkt oneindig groot te zijn, de Naim heeft lucht genoeg om de Kanta N°3 aan te sturen. Naast Chet is er slagwerk, de bas en piano. Zij vallen niet weg, hebben alleen minder de aandacht gekregen in de opname. Ze zijn op een natuurlijke manier aanwezig en laten zich onderhuids gelden. Ze nemen niet de macht over en zo hoort het ook te zijn. Maakte de Kanta N°2 al indruk en is dat een luidspreker voor lang en relaxed luisteren, de Kanta N°3 vraagt meer om de aandacht, is meer aanwezig, tot grotere dingen in staat en doet een flinke stap richting de top systemen van Focal (Sopra en Utopia) of topsystemen van andere merken. Je moet wel de ruimte hebben om de Kanta N°3 neer te zetten plus genoeg overredingskracht om uw partner ervan te overtuigen dat een leven zonder Kanta N°3 zinloos is. Een aardig argument is misschien dat een bescheiden ogende Naim Superuniti 2 en een NDX 2 nauwelijks plaats innemen. Ze mogen zelfs uit zicht in een kastje staan, als de achterwand dan maar weg is voor de koeling.

Horen is bewijzen

De audio industrie, binnenhuisarchitecten, reclames en woonglossy’s willen ons doen geloven dat een luidspreker helemaal niet groot hoeft te zijn om het orkest naar de huiskamer te brengen. Het is niet waar, net zo min als u fysiek alle leden van het orkest met hun instrumenten in uw woonkamer kunt proppen, kunt u met een kleine luidspreker de orkestleden virtueel realistisch doen herleven. Vandaar dat er nog steeds grote tot gigantische luidsprekers te koop zijn. Een gulden middenweg is nog net de Kanta N°3, bescheiden mag je hem niet meer noemen, wie denkt in een flinke hoornsystemen zal de Kanta N°3 zeker van aangenaam formaat vinden. Wat de Kanta N°3 weet te bieden is een grote weergave in energie, formaat en klankbereik. Brengt de Kanta N°2 luistergenot, dat is een lievelingetje dat je omarmt en uren meeneemt op een muzikale reis, de Kanta N°3 is meer precies, in klank natuurlijker en minder “warm” afgestemd. Mijn idee dat het verschil tussen de twee Kanta modellen zich zou beperken tot een krachtiger laag is niet uitgekomen. Omdat de Kanta N°3 meer beheersing en controle biedt met zijn twee 21cm woofers per kant. Het wijd-open gegooide middengebied laat zich naadloos integreren met de laatste generatie beryllium tweeters van Focal, waarbij overgangen tussen de units niet waarneembaar zijn. De Kanta N°3 vraagt om ruimte om zich heen, heeft u die te bieden dan is het een goed alternatief voor een Spendor D9, diverse Bowers & Wilkins 800 types, Audiovector SR Series of Dynaudio Contour 30 en 60. Al deze exemplaren staan trouwens meestal speelklaar bij Lexicom MultiMedia, het is aan de lezer om de eigen keuze tussen de merken te bepalen. Of gewoon een set Kanta N°3 te bestellen. Ik zou ze in dat geval wel thuis laten bezorgen, de dozen zijn onmogelijk groot.