Cambridge Audio EVO 75 & EVO 150 All-in-one muzieksysteem

Cambridge Audio EVO 75 & EVO 150 All-in-one muzieksysteem
Voiced in London = voiced best

De reclamekreet “Voiced in London” dekt zeker een deel van de lading van wat er verstopt zit in de Cambridge Audio EVO-lijn, al had de voicing wat mij betreft ook in Colchester of Exeter plaats mogen vinden, mits eenzelfde resultaat behaald zou zijn. Maar ja, Londen klinkt toch wat internationaler in ieders oren.

Cambridge Audio heeft met de EVO serie de wens van de moderne klant begrepen: lever een compact muzieksysteem van hoge kwaliteit, dat alle nodige functies combineert in één enkele behuizing. Stop wat nodig is in een compacte doos, fraai vormgegeven en met een hoge aaibaarheidsfactor. Eenvoudig te bedienen, bruikbaar voor het hele gezin. Slechts het aansluiten van een paar luidsprekers, een internet verbinding en netspanning moeten genoeg zijn om te gaan genieten van ieders favoriete muziek.

Met gebruikmaking van Hypex NCore klasse D versterking en het eigen Cambridge Audio StreamMagic platform creëert Cambridge Audio een hoogwaardig, energiezuinig, goed klinkend muzieksysteem, dat een geduchte concurrent is voor de gevestigde orde.

EVO

Het EVO systeem is eenvoudig te installeren en te bedienen met een smartphone of tablet met de StreamMagic App, met een afstandsbediening of met de knoppen op het apparaat. Voor dat u het weet speelt u muziek uit eigen collectie of van een muziekdienst. De StreamMagic App geeft controle over alle functies van het EVO 75 systeem, daarbij is de App is duidelijk, logisch van opzet en stabiel. Maakt u liever gebruik van de App van uw favoriete muziekdienst als TIDAL of Spotify, of van Roon software, de EVO 75 is daar op voorbereid.

Meest opvallend aan de EVO is het 6.8 inch display dat u in een hoge resolutie gedetailleerde informatie geeft over het album. Als artwork, in tekst, of beiden tegelijk. Verder is er informatie over de resolutie van een file en het formaat, loopt een tijdbalk mee met het spelen van de muziek, is er een klokje en nog wat andere nuttige informatie te vinden. Het display is helder, gedimd of uit te zetten. Subtiele toeten naast de display verstoren het elegante beeld niet, net zo min als de van de Cambridge Audio Edge gekopieerde volumeregelaar met geïntegreerd de keuze schakelaar. Hoe je ook werkt met de EVO, telkens verrast het apparaat door compleet te zijn, duidelijk te laten zien wat je doet en zoals we zullen zien daarbij heerlijk muziek speelt. Leuk detail is dat met elke EVO twee paar zijpanelen wordt meegeleverd. Eén paar in zwart, één paar in houtkleur. Om de EVO nog beter te laten integreren met uw interieur. Zeer prijzenswaardig heeft dat geen meerprijs tot gevolg.

Elke EVO is klaar voor aansluiting op een CD speler, TV via HDMI ARC en/of andere bronnen. De Cambridge Audio Alva TT platenspeler kunt u bijvoorbeeld gebruiken via Bluetooth. Net als de ingebouwde Chromecast ontvanger u van dienst is. Speel muziek via UPnP, vanaf USB media, via Airplay 2, vanaf Internet Radio, Spotify Connect, TIDAL en Qobuz. Gebruik Bluetooth niet alleen als ontvanger, stuur er ook draadloos een hoofdtelefoon mee aan. De ingebouwde digital naar analoog omzetter met digitale ingangen en de analoge ingangen betekenen dat uw EVO toekomst vast is en vele jaren het hart van uw muzieksysteem zal zijn. De EVO 150 voegt aan de basis functionaliteit nog extra ingangen toe, voor digitale en analoge bronnen (onder meer MM phono) en geeft meer vermogen aan de dubbel uitgevoerde luidsprekeruitgangen.

In de EVO wordt gebruikt gemaakt van Hypex NCore klasse D techniek. Basis techniek ingekocht bij het Groningse Hypex, daarna heeft Cambridge Audio zijn gouden oren en techneuten ingezet om de in mijn oren typische, technische Hypex klank om te zetten naar een vloeiende weergave stijl die wel alle voordelen van klasse D versterking geeft, tegelijk het karakter krijgt van klasse AB versterkers zoals in Naim Audio, Rotel, Luxman en andere merken zit. Door voor de EVO 75 en de EVO 150 eenzelfde Ncore type te kiezen, waarvan alleen het uitgangsvermogen verschilt, is er nauwelijks klankmatig onderscheid tussen de twee spelers, zitten de verschillen eerder in de aansluitmogelijkheden en het extra vermogen aan de dubbel uitgevoerde luidsprekerklemmen van de EVO 150. Elke EVO gebruikt volgens Cambridge Audio uitsluitend topklasse componenten, zoals ESS Sabre high resolution DAC’s, daarnaast geeft de EVO vertrouwen omdat hij gebaseerd is op meer dan 50 jaar ervaring in het vervaardigen van audio componenten door Cambridge Audio.

De Cambridge Audio EVO 75 heeft een prijs van € 1.999,-, voor de EVO 150 betaalt u € 2.499,-. Elke EVO wordt geleverd met handleiding en safety boek, netsnoer, afstandsbediening met batterijen en zijpanelen in twee kleuren.

Technische details EVO 75:

  • Uitgangsvermogen: 75 Watt in 8 Ohm
  • Dac: ESS Sabre ES9016K2M
  • Frequentiebereik: 20Hz – 20kHz +0/-3dB
  • Analoge ingangen: 1 x RCA
  • Digitale ingangen: 1 x Toslink, 1 x S/PDIF coax, 1 x TV ARC
  • USB ingang: USB B Audio klasse 1 of 2
  • Bluetooth: 4.2 A2DP/AVRCP met SBC, aptX and aptX HD codecs
  • Uitgangen: 1x speakers, 3,5mm hoofdtelefoon, pre-out, subwoofer uit, Bluetooth zender
  • Ethernet: 100 Base-T IEEE 802.3
  • WiFi: Dual Band 2.4/5gHz
  • Maximaal opgenomen vermogen: 400 Watt
  • Stand-by: <0,5 Watt
  • Afmetingen: 305 x 305 x 90mm
  • Gewicht: 5 kg

Technische details EVO 150:

  • Uitgangsvermogen: 150 Watt in 8 Ohm
  • Dac: ESS Sabre ES9018K2M
  • Frequentiebereik: 20Hz – 20kHz +0/-3dB
  • Analoge ingangen: 1 x RCA, 1 x XLR, 1 x MM phono
  • Digitale ingangen: 2 x Toslink, 1 x S/PDIF coax, 1 x TV ARC
  • USB ingang: USB B Audio klasse 1 of 2
  • Bluetooth: 4.2 A2DP/AVRCP met SBC, aptX and aptX HD codecs
  • Uitgangen: speakers A+B, 3,5mm hoofdtelefoon, pre-out, subwoofer uit, Bluetooth zender
  • Ethernet: 100 Base-T IEEE 802.3
  • WiFi: Dual Band 2.4/5gHz
  • Maximaal opgenomen vermogen: 700 Watt
  • Stand-by: <0,5 Watt
  • Afmetingen: 305 x 305 x 90mm
  • Gewicht: 5,3 kg

Haalbare resoluties EVO 75 & 150:

  • TOSLINK optisch: 16/24bit 32-96kHz PCM
  • S/PDIF coax: 16/24bit 32-192kHz PCM
  • USB Audio Class 1: tot 24-bit 96kHz (asynchronous)
  • USB Audio Class 2: tot 32-bit 384kHz (asynchronous) en tot DSD 256
  • Bluetooth 4.2 A2DP/AVRCP met aptX HD: 24bit 48kHz
  • Audio formaten: ALAC, WAV, FLAC, AIFF, DSD, WMA, MP3, AAC, HE AAC+, OGG Vorbis

Wat is er nog nodig?

Voor de netspanning is gekozen voor een eenvoudig netsnoer, dat kan later altijd nog vervangen worden door een beter exemplaar. Ethernet komt binnen met een Chord Company C-Stream kabeltje, aan de andere kant geplugd in een Silent Angel Bonn N8 switch. Als luidsprekerkabel koos ik Inakustik Referenz LS-204 XL Micro AIR luidsprekerkabels, een hele mond vol voor een kabel met een in mijn ogen geweldige prijs/kwaliteit prestatie.

De luidsprekers werden heel bewust een paar Spendor A4 modellen. Uiteraard gekozen op klankeigenschappen en prestatie, maar tegelijk gekozen op basis van uiterlijk, afmetingen en toepasbaarheid. De ranke zuiltjes met een hoogte van 83 centimeter gaan snel op in de woonomgeving, waar ze redelijk dicht bij een achtermuur gezet mogen worden. Het tweeweg systeem is uitgerust met een 22mm tweeter en daaronder zit een 180mm woofer. Spendor is net als Cambridge Audio een echt Engels bedrijf, gevestigd in Sussex. Spendor maakt bijna alles zelf, de woofers, de kasten, de filters, alleen de tweeters kopen ze in bij derden. Het inmiddels ruim 50 jaar geleden gestarte bedrijf is nog springlevend en baseert zijn ontwerpen op hedendaagse technieken en mogelijkheden, maar houdt gelukkig vast aan de klank van oorspronkelijk door BBC ingenieurs ontwikkelde systemen. Een heel belangrijk aspect daarin is de zuivere weergave van stemmen en de natuurlijke klank van instrumenten. Terwijl snelheid, punch, impact en frequentiegebied in omvang zijn meegegroeid naar deze tijd. De Spendor A4 kan geleverd worden in naar keuze zwart essen, donker walnoot, natuurlijk eiken en satijn wit. De prijs is € 3.175,- per set. Op papier en naar blijkt in de praktijk een ideale partner voor een Cambridge Audio EVO muziekspeler.

En dan luisteren….

Omdat het een dubbel review betreft van zowel de EVO 75 als de EVO 150 is eerst geprobeerd de hoorbare verschillen te bepalen tussen de twee modellen. Dat was een lastige opgave, want al geeft de EVO 150 misschien een iets dieper stereobeeld en iets meer druk in het laag, de verschillen zijn minimaal en kunnen alles te maken hebben met kleine volumeverschillen, want zelfs met een decibel meter in de hand zijn de twee spelers in volume net niet gelijk te krijgen. Terwijl de luidsprekers prima in staat zijn om diverse zaken naar voren te brengen. De keuze tussen een EVO 75 en een EVO 150 zullen meer afhangen van de gewenste hoeveelheid ingangen en/of de keuze voor één paar of twee paar luidsprekers, waarbij rendement, impedantie en gemak van aansturen belangrijk zijn voor of 75 Watt of 150 Watt per kanaal. In tegenstelling tot de Naim Uniti Atom en Nova is het gehoormatige verschil tussen de twee Cambridge Modellen erg klein. Zo klein dat het volgende testje prima bleek te werken:

De twee EVO modellen naast elkaar. Samen opgenomen in een groep via Roon software zodat tijdsynchronisatie geregeld is. De EVO 75 stuurt de linker luidspreker aan via zijn linker kanaal, de EVO 150 stuurt rechts aan via zijn rechter kanaal. Volume gelijk laten oplopen en spelen. Het geeft een volkomen stabiel stereobeeld, waarin beide kanalen gelijkwaardig spelen. In de praktijk onzinnig, het geeft wel aan hoeveel de 75 en 150 op elkaar lijken.

Zonder de EVO’s open te maken en zonder foto’s is op basis van deze uitkomst zo goed al zeker te voorspellen welke Ncore modules zijn toegepast. Waarna Cambridge Audio zijn eigen geheime formule heeft losgelaten op de EVO 75 en EVO 150. Ik durf gerust te stellen dat het opnemen in een groep of het individueel aansturen van spelers via Roon software een groter verschil laat horen dan wat er bestaat tussen de twee spelers onderling. Roon is fantastisch voor multiroom met zijn koppelmogelijkheden, het groeperen is wel per apparaat in negatieve zin hoorbaar voor kritische oren.

Betere muziek

Laurie Anderson brengt met “Tightrope” van de CD “Bright red” een mooie holografische stem mee die ergens in de ruimte hangt. Een prachtige diepe stem, vol leven en menselijkheid. Geluiden rondom haar zweven in de ruimte, gesteund door een lekker diep doorlopende bas. De EVO 75 geeft daadwerkelijk geen Ncore handtekening af, het is een pure klasse AB voicing wat is gedaan in het Londense laboratorium van Cambridge Audio. Ze hebben daar zaken naar eigen hand weten te tunen. De weergave is heel ruimtelijk, enige wens zou zijn iets meer diepte in het stereobeeld, over hoogte en zeker over breedte heb ik niets te klagen. Muziek speelt lekker losjes en vrij van de weergevers, die zoals ik eerder aangaf opmerkelijk goed passen bij dit systeem. Engels met Engels is Hemels? Het lijkt er wel op. De stand van de volume regelaar maakt niet uit voor de weergave, muziek speelt alleen harder of zachter, niet anders.

Spendor heeft er alles aan gedaan om stemmen goed weer te geven, de EVO 75 werkt daar hard aan mee. Heeft er plezier in met Patricia Barber’s “I could eat your words” van het album “Verse”.

Langzaam komen de pianotonen in, komt een vette bas los, gaan gestreken drums zich ermee bemoeien, tot een vloeiend en natuurlijk resultaat. Soms heb ik de indruk dat de muziek aan de donkere kant wordt weergegeven, maar als ik dan concentreer op de stem, is daar niets mis mee. Tot en met een slis als dat nodig is. Trompet valt in, krachtig en echt. Ik zit er verbaasd naar te luisteren en overdrijf geen woord als ik echt positief verrast ben hoe goed de EVO 75 presteert. Hier krijgt een NAD M10 een heel harde dobber aan en ook een Naim Uniti Atom zal het beste beentje voor moeten zetten om een opmerkelijker prestatie te leveren. NAD kan misschien nog wat toevoegen met Dirac akoestiek correctie en de Bluesound compatibiliteit (Pulse, Node, Vault tot aan NAD Master series), Naim met een fraaiere App, maar als dat niet nodig is, dan is de EVO 75 en eventueel de EVO 150 een zeer sterk aanbod in een toch al goed gevulde markt.

Waar de lage tonen erg vet aanzetten is met Rebekka Bakken, haar album “Morning hours” en de track “Ghost in this house”. Niet onaangenaam, wel fors aanwezig. Opnieuw doet dat geen afbreuk aan de stem of de overige instrumenten, dus is het zaak om straks te onderzoeken of dit aan de opname ligt of toch aan de EVO 75. Intussen kan ik genieten van de zang en de gitaar welke sterk naar voren komen. Maak ik toch de switch naar de EVO 150 dan is het laag net een tikkeltje beter in de hand gehouden, iets strakker en een streepje dieper waardoor er meer klankkleur ontstaat. De EVO 150 lijkt iets helderder te spelen, wat warmte uit de stem te trekken en daarmee de verstaanbaarheid te vergroten. Veel anders? Nee, subtiel en als ik morgen terugkom en niet weet welke van de twee EVO’s er speelt zal het een heel harde dobber worden om het model aan de klank te herkennen. Als dat al lukt.

All that jazz

Ik vind dat ik “The good life” moet draaien, want het leven voelt goed in de luisterruimte. Ray Brown Trio van het album “Don’t get sassy” uit 1994. Met als drummer Jeff Hamilton die later bij Diana Krall nog meer bekendheid gaat krijgen. Wat ik voor de neus krijg is een staaltje jazz van een trio dat op een heel natuurlijke wijze staat opgesteld in de ruimte. Op een goede afstand en toch niet te ver weg. Compact zonder in elkaar te verdwijnen. Piano wat meer up front, bas in het midden tussen de piano en de drums. Hier is met veel plezier naar te luisteren. Er gaat gewoon niets mis met de opname en de weergave. Live opgenomen en het publiek laat dat aan het begin en einde van de track duidelijk horen. Klein zaaltje met individuen waarvan handen los van elkaar te horen zijn en waar kreten van enthousiasme uit opduiken.

De man die nooit vergeten zal worden binnen de jazz: Toots Thielemans. Hij speelt van zijn CD “Toots 90 years” de track “What a wonderful world”. Is het Toots, is het de EVO 150 of zijn het de Spendor A4? Wie zet het kippenvel ineens op mijn armen? Glashelder de mondharmonica, met daarachter piano, wat slagwerk, een bas. Toots vol kracht, heel fraaie los geraakt van de Spendor, gezet op een juiste hoogte, kortom er is werkelijk niets mis mee. Ook niet op een hoog volume, evenmin als het zachtjes speelt. Was het zaaltje bij Ray Brown klein, nu hoor je terug hoe groot deze zaal is waarin Toots live werd opgenomen. Je kunt niet anders dan vervolgen met “Old Friend”, al is het maar om een ode te brengen aan de meest sympathieke Belg ooit. Althans zo wordt hij beschreven, ik heb de man nooit mogen ontmoeten. Alleen via zijn muziek en dat bevalt uitstekend. Met dank aan het systeem voor mij opgesteld.

Een uitstapje naar swingende jazz met Count Basie op “88 Basie Street” van het gelijknamige album. Mooie opstelling die doet denken aan North Sea Jazz concerten met een big band. Blazers secties die om beurten de kans krijgen. Een piano die teveel opvalt in het geheel. Zacht tikkende bekkens en mocht ik eerder bij Rebekka Bakken aangehaald hebben dat de bassen te veel aanwezig zijn, inmiddels heb ik daar totaal geen last meer van en verwijt het aan de dame, niet langer aan het systeem. Muziek swingt, is krachtig en waar nodig subtiel en zacht, dynamiek vormt geen enkel issue in dit geval. Muziek en ritme lopen, nemen je mee, houden de aandacht vast en weten nooit en te nimmer te storen of zelfs maar een lichte mate van irritatie op te wekken. Het vage gevoel dat ik nog steeds vaak krijg met Klasse D versterking, een korreligheid die in de oren gaat hangen, blijft achterwege met de implementatie zoals Cambridge Audio die weet voor te schotelen. Het is af, het is compleet en aangenaam om te luisteren met Spendor, Cambridge Audio en wat toebehoren.

Van big band naar orkest

“Concerto in D major, RV 427”, uitgevoerd door het Philhamonia Baroque Orchestra, met fluitspel van Janet See. Onderdeel van een CD vol met fluit concerten, een CD die met het grootste gemak laat zien dat klassieke muziek een vast onderdeel mag zijn op een allround Spendor A4. Bescheiden van afmeting als hij is laat de EVO 150 hem groots spelen, groter dan het fysiek doet vermoeden of zelfs de prijs. De besparing bereikbaar door te kiezen voor een Cambridge Audio EVO 75 of 150 ten opzichte van de concurrentie, kan mooi besteed worden aan de weergevers en een paar behoorlijke, edoch betaalbare luidsprekerkabels. Kan een fluit zodanig uithalen dat een systeem in de problemen raakt, de EVO houdt de weergave dynamisch, laat zich niet verleiden tot te grote uithalen en draagt bij aan een zuivere en de oren strelende klank. Ben ik weer enthousiast? Jazeker, waarom niet als iets boven de prijsklasse uit staat te presteren. Speels, luchtig, los en vrij. Kernwoorden die steeds terugkeren.

Von Karajan met het Berliner Philharmoniker heeft ooit van Peer Gynt “Áses Tod” opgenomen en dat maakte op mij een diepe indruk in de tijd dat ik klassieke muziek nog moest gaan leren waarderen. Hoewel grote orkestwerken mij meestal niet aanspreken doet Peer Gynt dat wel. Een opname uit 1983 die nog steeds de moeite waard is om af te spelen. Uiteraard op DGG, al kan ik niet nagaan wat er anders zou kunnen zijn tussen de master voor de LP en de CD. Ik ervaar de zachte tonen als zo mooi, dat ik niet anders kan dan doorgaan met “Anitras Tanz”. Prachtig hoe fundament gelegd wordt onder de strijkers door de bassen en cello’s, hoe het orkest voor mij in volle glorie tot leven weet te komen. Je vaart mee op de golven, ziet een dans voor je neus uitgevoerd worden. Ik moet mij diep concentreren als heel zacht wordt gespeeld, ik hou mij vast als “In der Halle des Bergkönings” inzet. Donker grommend, tot het licht opzwepend de oren laat bedwelmen, waarna slagen op grote pauken het feest doen eindigen.

Je kunt je afvragen of de muziek van Ludovico Einaudi behoort tot klassiek werk, mooi is het zeker als het vloeit door de ruimte. Zijn spel helder en meespelend op “The dawn”. De mix van piano en elektronische geluiden vormt een psychedelisch effect dat bezit neemt van je gedachten en vanuit de Spendor met de EVO 75 bijna geestverruimend gaat werken. Inderdaad, inmiddels ben ik al lang weer terug bij het kleinere model en speel met net zoveel plezier verder. Hard of zacht, het maakt niet uit, achtergrondgeluid tot aan burenoverlast, het volume speelt geen rol in de klankzuiverheid of in de kracht van het spel. Alles blijft aanwezig, doet de oren spitsen, maakt niets mooier dan het is, neemt je wel mee in de beleving van de muziek Vindt de ziel, het hart en laat ontspannen genieten van de klanken. Meer complimenten zijn er nauwelijks uit te delen.

Opgewonden

Ben ik enthousiast en opgewonden geraakt van de Cambridge Audio EVO 75 en EVO 150 aan een paar Spendor A4 v2 luidsprekers? Jazeker ben ik dat. De kunst om voor heel veel geld iets fraais neer te zetten vraagt minder inzet van een fabrikant dan de inventiviteit en de kennis om in de betaalbare sfeer met een concurrerend product te komen. Niet dat een EVO ineens een Naim ND 555 met versterking verslaat, of zelfs een Luxman versterker van 10 mille, maar binnen de prijsklasse vind ik de Cambridge Audio geweldig presteren. Voluit van muziek genieten en door de collectie dwalen is een groot genoegen. Het werken met de EVO modellen een plezier van ergonomie. Het uiterlijk is fraai, de functionaliteit uitstekend, de keuze mogelijkheid tussen de twee modellen zinnig. Kunt u volstaan met minder ingangen en heeft u speakers met een behoorlijk rendement (Spendor, KEF, Audiovector) dan is de EVO 75 de beste en meest voordelige keuze. Zijn de speakers lastiger in gebruik met vaak een lager rendement (Dynaudio, Bowers & Wilkins, PMC) en vragen ze meer vermogen, of wilt u een EVO zien als de kern van uw uitgebreide audio/video systeem, dan is de EVO 150 de beste keuze. Ik kan nog wel wat argumenten verzinnen waarom de één, waarom de ander, maar dat laat ik graag over aan de potentiële klant om met het team van Lexicom MultiMedia te bespreken. Feit is dat Cambridge Audio een paar heerlijke all-in-one muziekspelers op de markt heeft gezet waarmee het genieten is van muziek. En dat laatste, dat telt het meeste. Vet aanbevolen!